8.52uur Curaçao tijd - 14.52uur Lokale tijd
We zijn weer in Nederland. Een jet-lag en een ervaring rijker, zijn we gisterochtend om 11 uur Nederlandse tijd geland. En wat is Schiphol gigantisch! Allereerst is het van de gate naar de bagagehallen een kwartier lopen. Of eigenlijk: lopen, stilstaan op de lopende band, stukje lopen, je slippers voor schoenen verwisselen op de lopende band, stukje lopen. Met dergelijke afstanden ben je Henry Ford enerzijds behoorlijk dankbaar. Aan de andere kant doet het allemaal wel een beetje machinaal aan. Moet het allemaal zo groot? Op het eiland waar we vandaan kwamen was er slechts één lopende band: die van de koffers (direct naast de gate!). In ieder geval is de logistiek in Nederland een stuk ingewikkelder.
Misschien dat het daarom tot 1,5 uur na de landing duurde eer onze bagage statig naar ons toegleed. Om half één kwamen we naar buiten. Hier stonden ouders, vriendjes en vriendinnetjes (maar dan niet op de manier waarop Bassie & Adriaan het ooit bedoelde) en een groot spandoek van de studievereniging op ons te wachten. Sommigen waren vanuit de douche direct in de auto gesprongen toen bleek dat wij ruim een halfuur eerder dan gepland landden. Uiteindelijk tevergeefs: de deelnemers zaten te klaverjassen naast de bagageband terwijl het thuisfront naar ons toe-racete.
Het weerzien was, ja hoe zeg je dat, maf. We zijn aan de ene kant ‘maar’ vier en een halve week weggeweest, in tegenstelling tot de vele medestudenten die een halfjaar in het buitenland doorbrengen, dus een groot onthaal verwachtte niemand. Ook kom je niet in je eentje als verloren zoon of dochter aan, maar met een groep van 21 studenten. Hoe neem je daar nou afscheid van? ‘Het was mooi, ik zie je morgen op school…’ ? Ten slotte is het moeilijk uit te leggen hoe bijzonder zo een maand is aan iemand die er niet bij was. Je doet toch een poging om het onvermijdelijke ‘hoe was het?’ te beantwoorden. Zelf was ik behoorlijk in mijn nopjes met het antwoord ‘onbeschrijfelijk!’. Helaas, of gelukkig, nam niemand genoegen met deze reactie. Wel is het fijn om alle belangrijke mensen te zien die je toch langer dan je lief is hebt moeten missen.
Nu is het wennen. Wennen aan iets waar je al tijden aan gewend bent, weer iets raars. Nederland lijkt ineens veel groter, met haar vierbaanswegen en gigantische kantoren. Zelf lijk je daardoor ineens veel kleiner en onpersoonlijker. Vandaag had een aantal van de onderzoeksduo’s alweer een interview in Den Haag. Dan stap je over een marmeren vloer naar een receptie die tot schouderhoogte komt, om jezelf daar eerst te legitimeren en een bezoekerspas te krijgen die je langs allemaal toegangspoortjes mag loodsen. ‘Bliep’ of ‘Bon día’, je krijgt er toch een ander gevoel bij.
Bovendien was de landing op Schiphol zeker geen afsluiting. Een aantal onderzoekers hebben zoals gezegd nog hier en daar een interview, en dan begint misschien wel het moeilijkste van het hele proces: de analyse van de overweldigende hoeveelheid materiaal. Even bijkomen dus, en dan weer aan de slag. ‘Ayo!’ veranderend in ‘Tot ziens!’ is dit één van de laatste blogs geweest.
